Knelpuntenkaart fietsverkeer

Terug naar overzicht knelpunten

 

 

Klik op de kaart om deze te vergroten. Welk bovenlokaal knelpunt hebben we hier over het hoofd gezien? Hou zou jij dit knelpunt oplossen? We zijn daarbij op zoek naar knelpunten en feedback van bovenlokaal belang.

 

Een fietsprovincie met veel groeimogelijkheden

De uitbouw en uitbreiding van het fietsparadijs, zowel functioneel als recreatief, loopt op volle toeren en het fietsgebruik neemt toe. Toch blijft de potentie van de fiets onderbenut. De fiets is nog niet voor iedereen een volwaardig en aantrekkelijk alternatief voor dagdagelijkse verplaatsingen. Dat is enerzijds te wijten aan het feit dat het functionele fietsroutenetwerk (met fietssnelwegen op kop) nog volop in ontwikkeling en realisatie is, en anderzijds dat de mind shift nog niet gemaakt is: we fietsen allemaal graag in het weekend, maar trekken dat gebruik niet door naar de week. In Limburg beschikt immers 87% van de inwoners over een fiets en zelfs 18% over een elektrische fiets. Noord-Limburg scoort het hoogst qua fietsbezit. Deze hoge fietsbeschikbaarheid in Noord-Limburg biedt een enorme opportuniteit om als voortransport te kunnen dienen van het OV-netwerk. Naast de kwaliteit van het fietsnetwerk en de noodzakelijke gedragsverandering is het hoge ongevalsrisico ook een reden om niet te willen fietsen. De voorbije jaren is het aantal letselongevallen met fietsers in Limburg (in tegenstelling tot de rest van Vlaanderen) niet toegenomen maar is het risico op dodelijke afloop (ook in tegenstelling tot de rest van Vlaanderen) wel toegenomen. Er is een duidelijke relatie tussen het toenemend risico op dodelijke afloop en toenemend gebruik van elektrische fietsen. Bij niet-elektrische fietsers neemt het aantal ongevallen en het aantal slachtoffers af. Aandacht voor de plaats van de elektrische fiets in het mobiliteitsnetwerk is dus prioritair.

Limburg heeft het voordeel een uitgebreid recreatief fietsnetwerk te hebben. Het gemeenschappelijk gebruiken van de fietsinfrastructuur van het functioneel net en het recreatief net biedt op bepaalde locaties (waar mogelijk en opportuun) dan ook een enorme kans om het aandeel fietsverplaatsingen te kunnen verhogen, zoals bijvoorbeeld bepaalde jaagpaden. Het netwerk is er, de realisatie en de verbetering ervan dient verder gezet te worden binnen de regio. Hierbij is het de ambitie om een kwaliteitsvol functioneel netwerk te realiseren, waarbij de breedte omwille van comfort en veiligheidsredenen (grotere snelheidsverschillen en bredere fietsen) een grote rol speelt.

De realisatie van het bovenlokaal functioneel fietsroutenetwerk is een continue beleidsprioriteit. De verkeersveiligheid voor fietsers is in Vlaanderen de laatste jaren afgenomen, terwijl de veiligheid voor de nietzachte weggebruikers verbeterde. De reeds bestaande verschillende types fietsinfrastructuren en de netwerken waarbinnen zij geordend zijn (fietssnelwegen, bovenlokale functionele fietsinfrastructuur, toeristische fietsinfrastructuur en knooppunten) bieden het voordeel dat netwerkverbindingen eventueel kunnen herbekeken en aangepast worden, zonder daarbij de finaliteit van de fietsverplaatsingen (hetzij recreatief, hetzij functioneel) uit het oog te verliezen. Fietssnelwegen zijn onderling en met de rest van Vlaanderen verbonden en stoppen niet aan de grens. Er wordt een verbinding voorzien onder andere richting Eindhoven, Maastricht , maar ook richting Luik. De fietssnelwegen maken zoveel mogelijk gebruik van bestaande routes, bestaande en verlaten spoorlijnen.